Cash is King, dus houden we wel even een strak oog op onze cashflow?

Cash is King, wie het eerst met de oneliner op de proppen is gekomen, is nooit helemaal duidelijk geworden. Wat nog wel bekend is, is dat het als begrip is gaan leven na de beurscrash van 1987 en dat de regel toen gebruikt werd door Per Gyllenhammar, toenmalig Chief Executive Officer van Volvo. Doet er allemaal niet zo toe, feit is dat we het als ZZP’ers goed in onze oren geknoopt krijgen en houden. Zelfs in digitale vorm is cash voor ons de king die ons de touwtjes in handen laat houden.

Wat is er binnen gekomen, wat moet er nog binnen komen. Wat is eruit gegaan en wat moet er nog uit: we hoeven geen boekhouder te zijn om te snappen dat het allemaal nogal samenhangt met elkaar. Als ZZP’ers moeten we onszelf rap aanleren het financiële plaatje van ons bestaan zo’n beetje elke dag in ons hoofd te hebben. Geld wordt het slijk der aarde genoemd, maar er is helemaal niets op tegen wat dat betreft elke dag onder de modder te zitten. Dat betekent, kort gezegd, dat we zuinig moeten zijn met onze cash. Hebben we zoals het hoort braaf een buffer van pakweg 6 maanden bij elkaar verdiend, dan is het niet de bedoeling om daar eens goed van op vakantie te gaan of een leuke tweedehands Harley van aan te schaffen.

Die buffer is er voor het geval er ineens van alles misgaat in de markt en er geen spatje werk meer te vinden is. Of als je in de badkamer uitglijdt en een paar maanden met allerlei breuken en hoofdpijn buiten werking bent. Dat overkomt natuurlijk altijd een ander, vertellen we onszelf. Tot het ons toch overkomt. De cash van de buffer is dan hard nodig om de gaten op te vullen die er zonder instroom van inkomsten vallen.

ZZP’en geeft ons een gevoel van vrijheid, dat weten we allemaal. Daar zit op een of andere manier ook een gevoel bij van ‘leve het leven’. Als het werk blijft komen en het geld de goed kant op vloeit – die van ons – is de verleiding er altijd om wat ruimer van dat leven te genieten. Hard werken mag beloond worden, toch? Natuurlijk, alleen is het verstandig om dat altijd met een schuin oog op de cashflow te doen. Hebben we goed in ons hoofd of er wel of niet volgende maand genoeg op de bank staat voor de BTW, de hypotheek, de vaste lasten en – daar hebben we ‘m – de plezierige uitgaven die we deze maand met de credit card doen tijdens onze uitbundige citytrip met de vrouw in Parijs. Leuke handtas, schat, toe maar, het is je gegund en het kan er wel af. Ja, denken we dat of weten we het zeker?

Dat gebeurt ongemerkt. Zelfs doorgewinterde ZZP’ers kunnen op een gegeven moment net even te achteloos met de cash omgaan. We maken allemaal wel eens tijden mee dat het heel erg goed loopt. Dat het werk achter elkaar binnen rolt, dat de bankrekening gestaag aandikt en de rekeningen en belastingen er niet meer zulke gaten in slaan als in het begin. Het is dan dan lastig om bij de les te blijven. We zijn ook maar mensen en het is zo menselijk als iets om het wat breder te laten hangen als het voelt alsof het niet op kan.

Waar we dus eerder nog een mentale barricade opwierp tegen etentjes betalen met onze zakelijke bankpas of creditcard, stappen we ineens gemakkelijker overheen. En de restaurants die we zakelijk en zelf privé beginnen te bezoeken worden wat prijziger en chiquer van aard dan voorheen. We besluiten dat er nu toch best wel een iPad extra bij kan, voor zakelijk gebruik uiteraard. We schrijven ons nu toch ook eens in voor een interessant meerdaags vakcongres op de hei, zo een waar we eerder altijd van zeiden: “Zonde van het geld, we leren er niks van’.

Het hoeft allemaal geen probleem te zijn, zolang de cashflow gezond blijft. Nog altijd niets aan de hand zolang de orders blijven stromen. Maar dan – en ook dat overkomt ons allemaal een keer en misschien wel vaker, niemand uitgezonderd – komt daar de klad in. Dan begint zonder waarschuwing vooraf de orderkraan eerst te druppelen en dat blijkt dan niet tijdelijk. Hoe hard de cash die je zo vrolijk toelachte vanaf je bankrekening er dan ineens doorheen gaat is schrikbarend.

Het is heel simpel: hoe meer cash op de bank, hoe langer we King kunnen blijven. Hoe groot de verleiding ook is, als ZZP’ers moeten we proberen om zelfs in de meest zonnige tijden weg te blijven van een hoger uitgavenpatroon of een ruimer salaris uit de BV. Laat de cash groeien, zet de overschotten elke maand of elk kwartaal weg op een deposito. Is een buffer van een half jaar niet genoeg dan? In principe wel, maar niemand weet vooraf of een half jaar van weinig werk niet uitmondt in een absoluut kutjaar qua omzet. We kunnen wel denken dat het iets eenmaligs zal zijn, of zeldzaam of eigenlijk onbestaanbaar – maar dat is het niet. Een buffer die overdreven royaal lijkt, kan in rap tempo verdampen waar je bij staat.

Naarmate we meer jaren op de teller krijgen als ZZP’ers kunnen we wel beter inschatten of we stabiel genoeg zijn om zonder zorgen een leuke lifestyle te combineren met ZZP’er zijn. Het kan best zijn dat we zo’n brede en diverse klantenkring hebben opgebouwd, zodat we beter bestand zijn tegen economische verschuivingen. Of we hebben onze expertise wat breder in de markt gezet waardoor we niet afhankelijk zijn van een bepaalde doelgroep. Wat het ook is, er kan een punt komen waarop we er financieel echt wel rustig bij zitten. Dat we vrij zeker weten dat het wel heel, heel, heel erg gek moet gaan willen we nog in de problemen komen.

Zelfs dan is het het overwegen waard om een deel van het gespaarde overschot aan een lijfrentepolis of pensioenpolis te besteden in plaats van aan een nieuwe wagen, een fraaier kantoor of een ruimer salaris. Ook weer geen gemakkelijke keuze, want een beetje luxe geeft het leven kleur. Maar het punt is: met cash achter de hand is het in ieder geval een keuze die we uit luxe kunt maken. En zonder cash kan het zomaar gebeuren dat we geen andere keuze hebben dan óf het huis verkopen óf ergens in loondienst gaan. Of misschien wel allebei.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *